Een paar maanden neem je min of meer onvrijwillig verlof van je logje en prompt besluit de wereld om gewoon door te draaien. Alsof er niks aan de hand is zogezegd. Nu de ingrijpendste medische stress van ons afgevallen is wordt het tijd om, ook voor wat betreft het onvolprezen beeldverhaal, de draad weer op te nemen.
Van twee van mijn favoriete strips was men zo stoutmoedig (of brutaal) om, tijdens de tijdelijke absentie, nieuwe delen het licht te laten zien.
Het Opdringerige Lijk van Plaine Monceau

De schepping van auteur Léo Malet Nestor Burma begon zijn leven als hoofdpersoon in een groot aantal van Malets zeer lezenswaardige boeken. Ook werd een aantal verfilmingen over deze wel zeer Franse private-eye in de loop der jaren – meestal in de typerende naoorlogse sfeer – op het witte doek gebracht. Helaas niet in Nederland, uiteraard zou ik bijna zeggen. Maar mocht u de Franse taal machtig zijn en uw kabelprovider is u welgezind zijn, dan geniet u het voorrecht om met name in de zomermaanden nog dikwijls van een serie omtrent Nestor Burma te kunnen genieten.
De roemruchte Franse uitgever van bandes dessinées Casterman wist omstreeks het begin van de jaren ’90 de geniale tekenaar Jacques Tardi te bewegen om Burma’s avonturen in een degelijke stripreeks onder te brengen. Prachtwerk, dat geen liefhebber zal willen missen. De reeks is in later jaren door Moynot overgenomen en blijft onverminderd een monumentje. Buitengewoon aardig is bovendien dat ieder deel zich in een verschillend arrondissement van Parijs afspeelt, waarbij aan het realiteitsgehalte buitengewone aandacht werd besteed. Ook het nu verschenen werk is weer voer voor genieters.
Detective Nestor Burma (u vindt meer over hem door in de rechterkolom op het betreffende onderwerp te klikken) trekt lijken aan. Maar in zijn branche kom je die hoe dan ook vaak tegen. Het begint al in een herenhuis in Parijs waar een ingenieur/uitvinder dood bij het bed ligt waarin zijn vrouw zich niet minder dood bevindt. Voor Burma lijkt dit niet zomaar een familiedrama, hij voelt dat er meer achter steekt. Dus trekt hij op onderzoek uit, wat moet een privé-detective anders? Ondermeer krijgt hij te maken met een actrice die merkt dat een dubbelgangster naakt poseert onder háár naam. Omdat ze wil voorkomen dat dit nog eens gebeurt, belast ze Burma met de opsporing van de boosdoenster. Ze ziet een toekomst voor het wicht als stand-in. Op die wijze kan verdere schade aan des actrices reputatie wellicht voorkomen worden. Dan is er is ook nog een oud dametje dat in het huis woont van kunstschilder Frédéric Langlat. Wat is er voor bijzonders aan het huis dat te maken kan hebben met de dood van de ingenieur?
Zoals elke hardboileddetective is de zelfverzekerde Nestor Burma een roker (in dit geval een pijp), draagt hij een lange overjas en hoed (het is het jaar 1959), belandt steevast met een schone in bed, moet zich nu en dan weren tegen smerige streken en personen die hem lijfelijk kwaad willen doen. Dit laatste grotendeels omdat hij zich als een goede detective een weg naar de waarheid baant, een waarheid die je als lezer beslist niet zelf kan achterhalen. Schrijver Léo Malet wist zijn personage aldus perfect te typeren. Jacques Tardi was het rastalent om er een groezelige film noir-detectivestrip van te maken. Eerst nog in zwart-wit, later in kleur dat geen enkele toegevoegde waarde bood, nu nog steeds niet overigens. Emmanuel Moynot is geen Tardi, al brengt hij z’n eigen niet geringe kwaliteiten mee. Een regelrechte aanbeveler, al was het maar om de prima weergegeven Parijse sfeer in de jaren ’50, de wel heel nauwkeurig aan de realiteit ontleende locaties en de fraaie weergave van het 17e arrondissement dat gelukkig wat minder in de plattoeristische belangstelling staat.
Blake en Mortimer, De Vloek van de Dertig Zilverlingen

Mortimer is uitgenodigd in Griekenland voor een schokkende archeologische vondst: de dertig zilverlingen van Judas. Wie ze aanraakt, krijgt de toorn Gods over zich! Vallen de zilverlingen in slechte handen, dan dreigt de hele mensheid er onderdoor te gaan. Net nu Olrik (!) wist te ontsnappen uit de gevangenis van Jacksonville (USA).
Met dit verhaal lost Jean Van Hamme – acht jaar na Bericht uit het verleden – de hooggespannen verwachtingen in.
Vanzelfsprekend blijf ik onverminderd de avonturen van de legendarische speurders Blake en Mortimer volgen. Het spijt me temeer te moeten vaststellen dat het wellicht – los van commerciële redenen – verstandig zou zijn een punt achter deze fameuze reeks te zetten. Plot noch tekenwerk van dit verhaal kunnen – naar mijn smaak – in de schaduw staan van het werk van Edgar P. Jacobs. Er mist steeds iets essentieels: het plezier, de spanning, de opwinding over (de helaas steeds minder bedreigende) Olrik. Kortom wat eens geniaal was lijkt onder de handen van Jacobs’ opvolgers een min of meer vlot maniertje te worden. Helaas.