Archief voor december 2006

Een Goed 2007

december 30, 2006

2007a1.gif

Onze Straat

december 30, 2006

otto-11.gif

Om te beginnen: Wie was Otto Venius? De man heette eigenlijk natuurlijk Otto van Veen en was een van de leermeesters van Rubens, die op zijn beurt weer de leermeester was van Antony van Dyck. Dezelfde Van Dyck die nu als meer dan levensgroot standbeeld op de hoek van onze straat staat te kijken of we onze boodschappen niet vergeten.

Eigenlijk heette de Otto Veniusstraat vroeger de Vuylnisstraat, om redenen die je ook zelf kunt bedenken vond men dat op langere termijn niet zo’n geslaagde naam. Omdat Otto van Veen langdurig op nummer 21 heeft gewoond, en toch de inspirator van de Nationale Schilder Rubens was, lag de nieuwe naam voor de hand.

Dat nummer 21 maakt samen met de huisnummers 17 (ja, daar wonen wij!) en 19 deel uit van hetzelfde appartementencomplex. Over de geschiedenis van dit complex later nog wel eens. Voor dit moment is het aardig om te weten dat de maatschappij die deze appartementen verhuurt de gewoonte heeft ze te betitelen als ‘Residence Otto Venius’. Overigens zijn zij de enigen die deze statusverhogende omschrijving hanteren.

Verder is het een gewone straat tussen de Meir en het Hopland. De Meir zullen de meesten wel kennen. Het is Antwerpens meest geroemde winkelstraat. Het Hopland vormt de thuisbasis voor kledingwinkels van de meer exclusieve soort en heeft de ambitie om zich te ontwikkelen tot een wat deftiger versie van de Amsterdamse P.C. Hooftstraat.

In onze straat lopen werken en wonen door elkaar. Enerzijds is er de achteruitgang van het fameuze warenhuis Inno. Anderzijds bevindt er zich een meubelwinkel waarbij de eerste blik in de showroom leert dat de uitbater al heel lang geleden besloten heeft dat ontwerp en kwaliteit hem gestolen kunnen worden.

Daarnaast vinden we de ‘Pascalino’ een tearoom annex lunchrestaurant, waarvan de eigenaar trots adverteert dat hij al sinds 1967 de beste kwaliteit levert. Te oordelen naar het binnenzittende publiek betreft het hier stamgasten die al sinds die historische opening eveneens van die kwaliteit overtuigd zijn.

Een paar huizen verderop vinden we de ‘PRH’. Een club welzijnswerkers die bedachten dat in het spanningsveld tussen Persoonlijkheid en Relaties altijd wel behoefte aan hulpverlening aanwezig zal zijn. Zelfs voor het ongeoefend oog valt duidelijk waar te nemen of de betreder van het pand een hulpzoeker of een hulpverlener is.

Een heel ander type hulpverlening vindt plaats op nr. 30. Hier huist Hotel Eva. De kamers zijn aldaar per uur te huur. U raadt het! Een zogenaamd Rendez-vous Hotel. De bezoekers van dit hotel springen dadelijk in het oog door de overduidelijk onopvallende manier waarop ze de straat doorlopen – alsof ze een pond ajuinen gaan halen – om dan, met een plotse zijwaartse beweging, de voordeur van het hotel in te schieten. Observerend onderzoek wijst tevens uit dat Rendez-vous typisch een hobby is waarbij leeftijdsverschil tussen de deelnemers geen bezwaar vormt. Alle heren zijn steeds duidelijk jaren ouder dan de hen begeleidende dames.

Overigens hanteert het hotel duidelijke ‘Normen en Waarden’: op zondag is men gesloten!

Naast het hotel vinden we de katholieke onderwijsorganisatie, zulks ongetwijfeld opdat de oplettende pupillen ook andere dan de gebruikelijke beroepskeuzen onder ogen zullen zien.

Recht daartegenover ontwaart ge een buitengewoon grote supermarkt, geheel geschoeid op de biologisch-dynamische principes en ook overigens volstrekt onbespoten. Wie zou pogen hier een colaatje of cheeseburger te scoren komt van een kwade kermis thuis. Het is gezondheid en verantwoordelijkheid wat de klok slaat. Hetgeen ons dan weer met de vraag achterlaat waarom mensen die zo gezond leven dan wel zo duidelijk meer huiduitslag vertonen dan al die ongezonde types.

De Vrijmaking der Schelde

december 30, 2006

061230.jpg

Op de Marnixplaats in Antwerpen bevindt zich een opvallend beeld. Beter dan een foto laat deze tekening uit 1913 zien wat er te bekijken valt. Een nogal protserig beeld dat kennelijk een heldhaftige gebeurtenis moet vasthouden in de herinnering.

Dat was en is ook zo. De vrijmaking van het verkeer over de Schelde naar Antwerpen was voor de ontwikkeling van deze stad van levensbelang. Gedurende lange jaren had Nederland, bevreesd voor concurrentie aan Amsterdam de Schelde afgesloten. De losmaking van de Belgen uit het Nederlandse koninkrijk had aan de verhoudingen geen goed gedaan.

In 1863 was het dan zover. Nederland gaf toe en de Schelde werd weer vrij bevaarbaar. De haven van Antwerpen zou weer kunnen leven!

Op de dappere Antwerpenaren heeft dit wat minder indruk gemaakt. De volksmond bedacht een andere naam voor het grootse beeld: HULDE AAN DE UITVINDER VAN DE VORK.

Bericht uit Antwerpen

december 30, 2006

061230.gif

Wat iedere keer weer blijft verbazen is het enorme aantal horecagelegenheden dat zich in een stad als Antwerpen – met iets meer dan de helft aan inwoners dan Amsterdam – verdringt. Vanzelfsprekend gaat dat van rijp tot groen, van touristtrap tot buitenkansje.

In de zijstraten rechts van de Keyserlei is de nering overduidelijk gericht op de wat groffere consument. Vage Grieken, kwalijk riekende Kebabpaleizen en Pizzatenten met ongure bemanningen worden verdrongen door cafés van waaruit André Hazes luid naar buiten klinkt. Alsof we destijds voor niets in de Arena bijeenkwamen en Fritsje Barend zich tevergeefs bespottelijk maakte.

Opvallend is het grote aantal zaakjes waar men met liefde voor het vak er een eer in stelt tegen aanvaardbare prijzen de vermoeide wandelaar genoeg energie en levenslust te hergeven om de tocht langs straten en pleinen verkwikt voort te kunnen zetten. Het is eerder – door mij – gezegd: Napoleon had de Slag bij Waterloo niet moeten verliezen. Ook Holland zou nog een fatsoenlijke keuken gekend hebben…. Bij alle restaurantavonturen in en om het Amsterdamse is het me nog nooit overkomen op betaalbare import van kostelijke spijzen uit La France te mogen stuitten. Wat bijvoorbeeld te denken van een doodeenvoudige hapjeszaak waar men de moeite neemt om zonder enige opklop het kostelijke Pain Polaîne dagelijks vers vanuit Parijs in te doen voeren. Een ware Lucullusgenieting!

‘Stadslucht maakt vrij’. Een van mijn lievelingsuitspraken, waarmee ik de voorkeur die misleide romantici voor de provincie zeggen te hebben ontmasker. Immers, als het platteland zo fantastisch zijn zou waarom zou er dan over de gehele wereld sprake zijn van een onstuitbare trek naar de steden? Waarom plegen plattelandsjongelui met enige pit, zodra zij zelfstandig de veters kunnen strikken, af te reizen naar de lokkende stad. De stad is ook de bron van de onopzettelijke terloopse humor. Wel eens van een boerenmop gehoord?

Ooit bezat ik het ‘Het Verdriet van België’ van Hugo Claus. Het bleek uit mijn boekenkast verdwenen. En het moment was gekomen om naar een kleine maar degelijke boekhandel te stappen om het werk nu maar eens opnieuw aan te schaffen. Een mens moet met het leeswerk in de sfeer blijven nietwaar? Uitverkocht en niet meer leverbaar luidde het antwoord. Jammer dacht ik, weer zo’n driehonderd pagina’s gemist. Mijn teleurgesteld gezicht ziende voegde de boekverkoper er met valse grijns aan toe: ‘Als ge van de week tegen sluitingstijd langs komt zal ik u het verhaal vertellen.’

Onze dochter Laura (we hebben er maar een) en haar goede vrind Elias verwachten, zoals sommigen bekend, in februari een troonopvolger. Een manneke. Wat te doen als aanstaande grootouders? Immers een nieuwe status en een grote maar weinig tijd eisende verantwoordelijkheid. Een kinderwagen dus. Volgens de familietraditie. Mijn kinderwagen kwam van mijn grootvader. En ook Adri’s kinderwagen werd vanuit Deventer, waar opa toen woonde, bekostigd. Ik betwijfel trouwens of hij op de hoogte is van dit levensfeit.

Nu blijkt er in de kinderwagenbranche sinds Anneke’s laatste zwangerschap (1978) hier en daar iets veranderd. De degelijke koets met matrasje en hoge wielen is stiekem vanuit het straatbeeld en de handel verdwenen. Queenie’s (ik dacht dat dit damesschoenen waren) en allerhande snel vormgegeven spul met in- en uitneembare raadselachtige bakkies zijn er voor in de plaats gekomen.

Zowel te Amsterdam als hier in Antwerpen hebben Anneke en ik orientatietochten ondernomen in deze nieuwe wereld. Een mens leert nog eens wat! Nu zijn we eindelijk geslaagd! Geen Queenie of iets anders met een engelse naam. Neen: een echter Pierre Cardin. Komisch genoeg hetzelfde label dat de trouwoutfit van Anneke verzorgde. En wees eerlijk: ze is geen spat veranderd. Zoiets moet ook de komende nieuwe Hagenaar wel geluk brengen….