
Gisteren was het exact een halfjaar geleden dat onze verhuizing naar Antwerpen plaatsvond.. Hoe het bevalt nu de eerste stofwolken rond de kleine emigratie zijn opgetrokken? Uitstekend, dank u. Boven verwachting, u zou het ook moeten doen, of nee laat maar, als heel Nederland hierheen komt hadden wij ook daar kunnen blijven.
Kort gezegd: het leven is hier zoeter en heeft net wat meer versiering. Er wordt net wat meer aandacht aan smaak en kwaliteit gegeven.De omgangsvormen zijn nou net wat geciviliseerder. Tel daar een charmante en over het algemeen heel gave oude stad bij op (centraal in west-europa en met uitstekende verbindingen) en onze regelmatige verzuchting dat we dit zo’n dertig jaar eerder hadden moeten doen wordt misschien begrijpelijk.
Om de halve verjaardag van onze vestiging te vieren togen we weer eens naar het alleraardigste wijkje Zurenborg. Een wijk die gedeeltelijk in het district Antwerpen en voor een ander deel in het district Berchem ligt en het bezoeken meer dan waard is.
De geschiedenis begint zoals die van vele andere wijken. Het gebied was vanouds niet meer dan een verzameling weilanden en akkers onder de rook van Antwerpen. Pas in de 19de eeuw was er voor het eerst sprake van enige urbanisatie, die overigens tot een paar straatjes beperkt bleef. Daaromheen lagen behalve akkers en weilanden ook boomgaarden en boerderijen, waarvan de laatste hoeve pas in 1890 verdween. De naam dankt de wijk aan een 16e eeuwse lusthof ‘De Suerenborch’.
Eerst in de jaren ’80 van de 19e eeuw begon de ‘Compagnie de L’ Est’ er met het bouwen van huizen. Eerst rond de Dageraadplaats (onthoud die naam) en later art-deco bebouwing rond wat nu de spoorlijn naar Nederland is. Samen met de bebouwing nam natuurlijk ook de bevolking toe. Het waren vooral gegoede burgers en rijken die naar het nieuwe Zurenborg trokken..
Zurenborg, een goede eeuw geleden haast uit het niets opgetrokken, heeft de wind in de zeilen. Genesteld in het oostelijke stadsgedeelte, aan beide kanten van de spoorlijn naar Nederland, is de buurt geliefd bij jonge gezinnen, kleine bedrijven en trendy horecabazen. De interessante ligging, de prachtige huizen, en de idee dat veel, zoniet alles, er mogelijk is, hebben Zurenborg een uitstekende naam bezorgd.
Vergeet vooral niet de straten zoals de Cogels-Osylei en de Transvaalstraat te bewandelen. Veel huizen daar werden inmiddels als monument geklasseerd omwille van hun gevels met artistieke en architectuurhistorische waarde. De Cogels-Osylei gaat door voor de mooiste straat van België, en daar valt inderdaad veel voor te zeggen.

De Dageraadplaats is het feestelijk hart van de buurt. In de zomer is het één groot, levendig terras waar van alles te beleven is: optredens, sportende jongeren, over het plein hossende kinderen. Van overal in en buiten Antwerpen komen ze naar hier om een pint te drinken, of een Lachouffe van ’t vat (een blond pittig bier dat in de Ardennen wordt gebrouwen). Dat laatste kan alleen op het terras van café Het Zeezicht. De soundtrack is een mix van Franse chansons, wereldmuziek, klezmer, Cubaanse salsa en muziek van Antwerpse bands. De klanken komen uit de muziekinstallatie van Het Zeezicht, maar even vaak live uit het café of van op het plein.

Verder vindt de inmiddels goedgemutste wandelaar hier allerhande drank- en eetgelegenheden, in alle prijsklassen. Alle soorten zijn er te vinden: van bruin café tot taverne, van frituur tot gerenommeerd restaurant.
Wie toevallig Café Zeezicht binnenwandelt kijkt verbaasd naar de stellingen die een deel van het plafond schragen. Bovenbuur restaurant Overvloed doet zijn naam soms net iets te veel eer aan. Het is alle dagen hopen op een open Zeezicht. Want hier is het goed toeven, een vrolijke pleisterplaats voor jongere ouderen of oudere jongeren, de verloren generatie, of hoe die groep ook mag heten.
Gemoedelijk sleept het leven zich voort in ‘De Schraelen Troost’, het soort kroeg waarvoor het woord bruin werd uitgevonden. De sfeer van vroeger dagen zweeft er rond de vergeelde kiekjes aan de muur. In de geïmproviseerde living, achteraan, staart een uitgeleefde teddybeer vanuit zijn oude zetel naar een ongestemde piano, waar vergeten rockers wel eens een deuntje uit de vijftiger jaren tokkelen. Belletjes rinkelen vrolijk welkom iedere keer de deur openzwaait, en een nieuwe student of vagebond zich komt warmen aan de stoof. De klassieke muziek benadrukt de weemoed.
Begint de maag te rommelen en moet er met spoed in voeding worden voorzien, ook dan kan je op de Dageraadplaats goed terecht. Zo heb je o.a.: ‘Frituur Dageraad’, het Zuid-Amerikaans restaurant ‘El Diablo’, het Egyptische ‘Amon’ , of het Marokkaanse ‘El Warda’ in de aanpalende Draakstraat. En we vinden op de plaats ook nog het klasse restaurant ‘Klare Wijn’, terwijl ook restaurant ‘Overvloed’ een aanrader is, zeer goed, eenvoudig, niet duur.