Archief voor februari 2008

Kaas

februari 29, 2008

080229.jpg

Een paar dagen in huis en boven verwachting genoten. De tekenaar Dick Matena heeft het prachtige ‘Kaas’ van Willem Elsschot bewerkt tot een beeldroman. Niet zomaar een beeldroman trouwens. De teksten van Elsschot worden in de meest letterlijke zin op de voet gevolgd en zijn integraal in deze verstripping verwerkt.

Eerder paste Matena dit procédé toe op ‘De Avonden’ van Gerard Reve, ‘Christmas Carol’ van Charles Dickens en ‘Kort Amerikaans’van Jan Wolkers. De eerlijkheid gebiedt me hier te melden dat ik van die versies – alhoewel ongetwijfeld met veel inspanning en talent vervaardigd – minder gecharmeerd was. Maar de karakteristieke tekenstijl van Matena sluit – naar mijn smaak – naadloos aan bij het prachtige proza van de onovertroffen meester Willem Elsschot. Een rol speelt ongetwijfeld ook dat Elsschot als auteur naar mijn mening ronduit beter is dan Reve, Dickens of Wolkers. Of wellicht moet ik zeggen nog beter.

De Stad Antwerpen en haar burgers laten deze verschijning van ‘Kaas’ bepaald niet ongemerkt passeren. Over het prachtige initiatief van de stripmuren hier ter stede mocht ik u in het verleden al eens berichten. De zesde stripmuur zal nog dit jaar tot stand komen en uiteraard aan Matena’s versie van ‘Kaas’ gewijd zijn. U kunt deze stripmuur tzt. bewonderen in de Korte Nieuwstraat alhier, naast de Stadsbibliotheek. Een gepast gebaar, want met enige kennis van het Antwerpse zult u in Matena’s werk veel bekende locaties uit deze bruisende stad tegenkomen. De afbeelding op de stripmuur (3 x 10 meter) zal Elsschot bij het verlaten van een Antwerps café weergeven.

Wilt u de originelen van Matena’s tekenwerk bewonderen, dan kan dit vanaf 29 maart tot 29 juni in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten aan de Leopold de Waelplaats alhier (maandag gesloten).

Lost

februari 28, 2008

080228.jpg

Den Uyl, Bernhard en luie journalistiek

februari 27, 2008

080226.jpg

Wanneer is iets nieuws? Je zou zeggen wanneer dat iets voor het eerst aan het licht komt.

Voor sommige journalisten blijkt dat niet op te gaan. Zelfs wanneer dingen al ettelijke malen zijn gepubliceerd, beschouwen zij het ‘herkauwen’ van die al lang bekende kost als nieuws. Ja, sommigen vinden het zelfs groot nieuws.

Neem nou die biografie van Joop den Uyl. Vorige week zag dat boek van Anet Bleich het licht. Groot nieuws riepen kranten, tv-rubrieken en weekbladen. Behalve het Lockheed-schandaal in 1976 rond Prins Bernhard zou er ook sprake zou zijn geweest van een Northrop-schandaal. Den Uyl had dat – zeiden ze - niet in de openbaarheid gebracht.

Nou, dat valt erg mee, of eigenlijk tegen.

1. In 1975 werd in een openbare zitting van de Amerikaanse Senaat besproken dat vliegtuigbouwer Northrop steekpenningen had overgemaakt aan dezelfde figuren die ook bij het Lockheed-schandaal betrokken waren.

2. Ook in 1976 bracht het (toen nog bestaande) ‘Het Vrije Volk’ het bericht dat geld van Northrop via-via naar Bernhard zou zijn gesluisd.

3. Nog eens in 1976 meldde de Nederlandse correspondent van ‘Newsweek’ (Friso Endt) dat Den Uyl een geheime bijlage had. Daarin werd betrokkenheid van Bernhard bij dat geld van Lockheed aangegeven. Friso Endt vroeg Den Uyl daarnaar. Die gaf dit onmiddellijk toe. Het was, zo zei Den Uyl, ‘altijd prettig’ nog iets achter de hand te hebben.

4. In 2005 publiceerde ‘Vrij Nederland’ dat Bernhard geld van Northrop ontvangen zou hebben, ‘Vrij Nederland’ schreef daarbij over de tekst van een geheim rapport te beschikken waarin dat stond.

Je vraagt je dan af hoe godsgruwelijk lui en ongeïnteresseerd een journalist moet zijn, om bij die biografie nog van NIEUWS te durven spreken.

Bert Wagendorp (‘De Volkskrant’) en Gerry van der List (‘Elsevier’) spanden natuurlijk weer de kroon. De eerste betreurde nu (in 2008!) in 1977 op Den Uyl gestemd te hebben. Je moet maar lef hebben, 31 jaar niet opletten en dan boos en droevig zijn.

Natuurlijk wist Van der List weer moeiteloos de overtreffende trap van onbenulligheid op z’n naam te zetten. Niet alleen was ook deze ‘journalist’ met terugwerkende kracht kwaad, nee sterker Van der List vindt dat Den Uyl het op een rechtsvervolging van Bernhard had moeten laten aankomen. Dit in het licht van wat hij (Van der List) nieuwe feiten vindt.

Wanneer de goede man (als je over iemand spreekt als ‘goede man’ bedoel je eigenlijk nooit dat hij een goede man is) de moeite zou hebben genomen het Rapport van de Commissie van Drie (Donner, Holtrop, Peschar) uit 1976 even door te lezen dan zou hij geweten hebben dat een veroordeling van Bernhard uiterst twijfelachtig was.

Hoe zou dat eruit gezien hebben: een koningscrisis rond een rechtszaak waarin de verdachte vrijgesproken wordt?

Luiheid, ongeïnformeerdheid en onnadenkendheid…een gruwelijke combinatie.

Dirty Tricks

februari 26, 2008

list.jpg

De biografie van Den Uyl heeft op twee punten nogal wat stof doen opwaaien. In beide gevallen – naar mijn mening – volmaakt onzinnige stof bovendien.

Daar is in de eerste plaats de ‘onthulling’ dat de nog zeer jeugdige Den Uyl vóór de Tweede Wereldoorlog ‘deutschfreundlich’ geweest zou zijn. Behalve wat schrijvers van ingezonden stukken, die de mening verkondigen dat in feite alle socialisten en sociaal-democraten dictaturen aanhangen, heeft gelukkig geen serieus persorgaan gepoogd uit die jeugdige onbezonnenheid enige boter te braaien. Met één wat slappe uitzondering wellicht.

In ‘Elsevier’ (steeds meer een spreekbuis voor zwarte reactionairen) ziet redacteur Gerry van der List in dat met de jeugdzonde van Den Uyl niet te scoren valt. Wat nu? Wat te doen met een verwijt dat geen stand houdt? Simpel, je koppelt het aan een ander verwijt. Dat andere verwijt is weliswaar ook formidabele kletskoek, maar je hebt altijd kans dat er van zoveel modder bij de lezertjes tenminste iets blijft hangen. De tactiek van de ‘dirty tricks’ in alle z’n wanstaltigheid.

Letterlijk schrijft Van der List: ‘Joop den Uyl was als jongeling een klein beetje fout. Dat is de ongenuanceerde samenvatting van een onthulling in het proefschrift waarop Anet Bleich vandaag promoveert. De redacteur van de Volkskrant heeft ontdekt dat de PvdA-politicus in de jaren dertig met waardering schreef over het nationaal-socialisme. Maar wat Bleich in haar boek met de mantel der liefde bedekt, is hoe fout Den Uyl was in de jaren zeventig. Toen voerde hij als premier een rampzalig beleid dat Nederland in grote sociaal-economische problemen bracht.’

Let goed op, Van der List kan het niet laten om de mythe van het linkse ‘gat in de hand’ nog maar eens te verkopen. Gretig grijpt hij een andere (‘ongenuanceerde’) mededeling aan om dit sprookje nog maar eens rond te strooien. Op deze wijze probeert hij een door rechts iedere keer weer verkocht broodje-aap-verhaal nieuw leven in te blazen.

De feiten kunt u aflezen uit de beide onderstaande grafiekjes.

In het eerste grafiekje is het totaal van de overheidsschuld in een percentage van het BBP weergegeven. Het BBP is het Bruto Binnenlands Product, het totaal van wat in Nederland wordt geproduceerd aan goederen en diensten. Het BBP is een belangrijke maatstaf voor de economische prestaties van een land.

In het tweede grafiekje ziet u het tekort op de rijksbegroting als percentage van ditzelfde BBP.

De conclusie kan geen andere zijn dan dat het Kabinet Den Uyl buitengewoon gunstig afsteekt bij alle andere kabinetten sinds 1971. Voor wat betreft de overheidsschuld scoort het Kabinet Den Uyl verreweg het beste van al deze kabinetten. Kijken we naar het tekort op de rijksbegroting dan staat het kabinet Den Uyl op de 3e plaats van de 12 kabinetten waarmee wordt vergeleken.

Gelooft u nu werkelijk dat een ervaren politiek journalist als Van der List (bovendien oudmedewerker van de Teldersstichting, het wetenschappelijk bureau van de VVD) dit niet zou zou weten?

bbp1.jpg

bbp2.jpg

Morgen verder over de vraag of verwijten in Elsevier en De Volkskrant, dat Den Uyl op een strafrechtelijke vervolging van Bernhard had moeten aansturen, terecht zouden kunnen zijn.

In de Gloria….Christopher

februari 25, 2008

080225i.jpg

Vandaag vieren we de eerste verjaardag van kleinzoon Christopher. Het feitelijke festijn zal volgende week zondag plaatsgrijpen. Toch willen we deze mijlpaal heden niet zondermeer laten passeren. Christopher brengt een statiebezoek aan Antwerpen, uiteraard vergezeld van zijn moeder en onze dochter Laura. 

Een uitstap naar een ijssalon staat ondermeer op het programma, we zullen zien hoe deze lekkernij in de smaak valt. Daarna ligt het voor de hand te gaan bezien of een aardig geschenkje ook in het Belgische verkrijgbaar is. We hebben daar buitengewoon veel vertrouwen in. 

Het dreigt kortom een dagje te worden dat de betrokkenen nog lang zal heugen, we durven derhalve nu al te voorspellen dat de beide grootouders morgenavond bekaf hun bedje in zullen tollen! 

U bent van harte uitgenodigd om in de loop van de dag – staande voor het geopende venster – langdurig in feestgezang uit te barsten.

Een raadseltje minder

februari 24, 2008

frankkresse.jpg

Op 11 februari van het vorig jaar legde ik m’n goede lezertjes het volgende probleemje voor:

In 1955 was Pieter Kuhn, de maker van de prachtstrip Kapitein Rob, geestelijk niet langer opgewassen tegen de druk dagelijks een kwalitatief hoogwaardige stripstrook te moeten publiceren. Kortom: hij besloot de Avonturen van Kapitein Rob te beëindigen. Voor vele oudere en jongere lezertjes kwam dit besluit als een nagenoeg niet te verwerken slag. Zelfs wijlen Simon Carmiggelt meende in Het Parool duidelijk te moeten maken dat zonder Rob het leven maar grijs en grauw was en aan glans verloor. Vanzelfsprekend had de leiding van Het Parool deze reacties wel zien aankomen. Naarstig werd naar een vervanging gezocht. Pieter Wijn, bij velen thans beter bekend als de geestelijk vader van Douwe Dabbert, werd overgehaald het vacuüm te vullen en “Frank de Vliegende Hollander’ werd geschapen. Deze Frank was een avontuurlijke piloot die de nodige avonturen beleefde, maar het gemis van Rob in de ogen van de lezertjes niet goed kon maken. Na 5 avonturen werd ingezien dat Frank weliswaar een aardige creatie was, doch dat Rob diende terug te keren. Zo kwam het dat na een jaar Kapitein Rob opnieuw in Het Parool het zilte sop koos. Pieter Kuhn was overgehaald zijn held nieuw leven in te blazen!

Ik ga u nu niet vervelen met de voor velen niet belangrijke discussie of deze tweede serie verhalen het niveau van de eerste serie haalde. Laten we blij zijn dat Rob opnieuw op het toneel verscheen.

Mijn probleem is het volgende: op www.ericdenoorman.nl publiceerde de goede Klaas de Vries vorige jaar de afbeelding hierboven (klik op het plaatje voor vergroting!). Een groot raadsel! Frank de Vliegende Hollander, zoveel is zeker….maar de tekenaar is niet Wijn maar Hans G. Kresse!

Kan iemand me helpen? Is het zo dat Het Parool voor Wijn wellicht Kresse benaderde om de avonturen van Frank te creëren? Nergens is hier iets over terug te vinden. Bij Het Parool weten ze het niet (meer). ‘Kresse-deskundigen’ kunnen geen oplossing bieden….HELP”

Inmiddels is dit bericht enige honderden keren (door stripenthousiasten?) aangeklikt. Enige tientallen vriendelijke types lieten weten de oplossing niet te kennen maar ook zeer benieuwd te zijn.

Welnu één raadsel minder in de wereld! Dankzij de Kapitein Rob Community (waarvan u het netadres in de kolom hiernaast vindt). De redactie van ‘Het Parool’ blijkt destijds Hans G. Kresse benaderd te hebben. Het blijft aardig dat ook Kresse-enthousiasten hierover in het duister tastten. Opmerkelijk dat deze gang van zaken kennelijk ook de uiteindelijke auteur/tekenaar van Frank de Vliegende Hollander nimmer is meegedeeld.

Met dank aan de uiteindelijke probleemoplosser: Lex Ritman, de auteur van het onvolprezen documentatiewerk ‘Kapitein Robs Stomachtige Leven’.

Leve de Opwarming!

februari 24, 2008

080224.jpg

‘Deep Throat’ had ik al eens gezien in 1973 en nog eens hoefde bepaald niet. De discussie eromheen kan ik me ook aardig voorstellen zonder ‘m te hoeven horen. Al zappend belandde ik zodoende gisterenavond op ‘Rondom Tien’. Normaal mijd ik dat programma vrij consequent. De man die het presenteert kijkt bij ieder aan de orde gesteld probleem zo schrikachtig in de camera, dat je meteen denkt ‘wees nou maar rustig jongen, het zal allemaal wel meevallen’.

Maar gisterenavond bleef ik hangen. Het milieu (u weet wel!), de opwarming, moet de ijskast afgeschaft en gaat u nog maar even door. Het ware te wensen dat al die mensen ook eens een boek zouden lezen.

Jan Buisman bijvoorbeeld, een nogal bekende weerhistoricus, heeft in een aardige boekenserie het weer gedurende de laatste duizend jaar in Nederland beschreven. Jongens en meisjes, de schrik slaat je om het hart! Dat klimaat verandert en verandert maar. Als een mens niet zo rustig van zichzelf was zou je zomaar paniekerig worden!

De zestiende en de zeventiende eeuw werden ook wel de kleine ijstijd genoemd. Wie de berichten omtrent de Spaanse troepen in Nederland destijds leest staat verbaasd over de vele klachten over de bittere en aanhoudende kou. Bevroren ledematen en veel meer narigheid. En dat was niet een éénmalige uitzondering. De vorst placht al tegen het einde van oktober in te vallen en pas tegen eind april zette de dooi definitief door. Niet zelden ontstonden er ijslagen met een dikte van wel 70 centimeter. En dan hebben we het niet over een incident maar over een klimaatschommelingen die zo’n twee eeuwen duurde!

Een andere auteur dan maar. De engelse professor Philip Stott (Biogeografie) legt uit dat tijdens de middeleeuwen de wereld aanzienlijk warmer was dan vandaag de dag. De geschiedenis leert – volgens Stott, maar niet volgens Stott alleen – dat het gevolg overvloed voor nagenoeg iedereen was. De narigheid begon pas eerst tegen het eind van de middeleeuwen toen de temperaturen daalden en de oogsten begonnen te mislukken. Je vraagt je dus af waarom we met z’n allen zo bang zijn voor een beetje opwarming.

Heeft u ‘Climate of Fear’ (1998) van Thomas Gale Moore gelezen? Hij rekent u voor dat in de winter altoos tweemaal zoveel mensen sterven als in de zomer. Zijn nog voorzichtige schatting is dat alleen al in de USA een beetje opwarming zal leiden tot  40.000 minder doden per jaar. En dan nog de economie. De positieve invloed op de menselijke bedrijvigheid – minder uitval door beroerd weer, betere oogsten – kan geschat worden (alweer alleen al voor de USA) op zo’n honderd miljard dollar.

Volgende keer weer een politiek correct stukje…

‘Orang oetang aan boord!’ en andere verhalen

februari 23, 2008

080223a.jpg

Vermoedelijk zult u Rock niet kennen, euvel kan ik u dat niet duiden…zelf ken ik Rock ook niet echt. Zijn achternaam bijvoorbeeld zou ik u niet kunnen vertellen. Toch, het heel weinige dat ik van Rock weet doet mij met regelmaat sympathiek bedoelde vibes in zijn richting zenden. Welke richting dat is weet ik ook niet precies, ergens in Zeeland vermoed ik.

Waarom dit alles? Rock is de beheerder, samensteller, webmaster en (vermoedelijk enige) drijvende kracht achter een site die ik, hoe vreemd de dag ook lopen mag, altijd wel even bekijk. De Kapitein Rob-community! Voor Kapitein Robfanaten – u had al door dat ik aan die kwaal zwaar lijdende ben – bevat deze site een keur aan wetenswaardigheden omtrent onze geliefde stoere zeeheld.

Maar er is meer! Bovendien heeft onze Rock het zo in elkaar gestoken dat we op de site nogal wat aantrekkelijke informatie omtrent het overige werk van Rob-tekenaar Pieter J. Kuhn aantreffen. Voor degenen die – zoals uw dienaar – simpelweg niet genoeg kunnen krijgen van het telkens weer verorberen van de Robsaga is Rocks’ site een bakentje van hoop in een overigens niet zeer geïnteresseerde wereld.

Zo zie je maar weer wat een enthousiaste liefhebber vermag. Wie het werk van Rock vergelijkt met de officiële Kapitein Robsite raakt hiervan nog meer doordrongen. Slecht bijgehouden (sinds 1 december vorig jaar niets meer aan gebeurd), vol met ongelukkige promotiepraat voor die treurige Robfilm en dus een vloek in de ogen van de oprechte liefhebber. Wat de erven Kuhn bezielt aan deze flauwekul mee te werken zal wel altijd een raadsel blijven.

Dit alles laat ik u weten omdat Rock via zijn site en per e-mail ons vandaag verwittigde van de verschijning van het 41e en laatste deel in de voordelige herdrukkenreeks van Robs avonturen. Deze tijdige waarschuwing stelt velen – ik bedoel mezelf – in staat nog voor het weekend maatregelen te treffen om dit mooie deel in huis te halen.

080223b.jpg

De inhoud wijkt overigens af van wat u mogelijk zou verwachten. Het gaat hier niet om de bekende stripstroken, maar om 33 verhalen die destijds (van 1948 tot 1952) in ‘Kapitein Rob’s Vrienden’ verschenen. De verhalen hebben allemaal betrekking op het leven en de avonturen van Rob (uiteraard!) en zijn op de destijds gangbare jeugdbladentoon geschreven en natuurlijk door Kuhn geïllustreerd. Natuurlijk, u mag dit missen….maar zou dat niet buitengewoon dom zijn?

080223c.jpg

Joop den Uyl

februari 22, 2008

080222.jpg

Aan Joop den Uyl bewaar ik een paar fraaie herinneringen-op-gepaste-afstand. Een vergadering van het bestuur van de PvdA-jongeren, Den Uyl komt binnen (beige van de slaap) en stelt zich voor – ‘Den Uyl’ – alsof we niet zouden weten wie hij was. Een wat schutterige en mompelende man. Die man trok dan wel een hele dag uit om met ‘die jongelui’ te discussiëren. Van zijn kant bestond dat er goeddeels uit dat hij je tartte om je – toen wel heel revolutionaire – mening te onderbouwen. Een praktijkcollege argumenteren. Dat ging niet zachtzinnig, eerder provocerend, maar je werd volstrekt serieus genomen. Respect zou je nu zeggen.

Een ander moment. In de Amsterdamse Pieterspoortsteeg hadden we een politiek café uit de grond getrokken, geheel naar de mode van die roerige dagen. Veel verhitte discussieavonden. Zwaar geboomd over hoe fraai die uiteindelijke socialistische maatschappij er dan wel uit zou moeten zien. Maar niet alleen progressieve studenten en jeugdige revolutionairen, ook gewone werknemers die toen nog arbeiders werden genoemd. Veel gelachen ook, om de zwaarmoedigheid van al die discussies te breken. Zoals met de wat klagerige man die vertelde dat iedereen hem op z’n werk uitlachte toen’ie vertelde lid van de PvdA te zijn. ‘En meneer Den Uyl, wat moet ik daar nou aan doen?’ ‘Niet over lullen’ antwoordde de lijsttrekker.

In de tussentijd was hij dan niet te beroerd om verstrooid eerst je laatste sigaretten en daarna je enkele sigaar te jatten. Met al z’n wat verlegen onhandigheid geen gepolijste politicus, een gedreven mens. Geen enkele Nederlandse politicus heeft me zo beroerd en z’n politieke denkbeelden zijn meer dan twintig jaar na z’n dood wat mij betreft nog springlevend.

Een verkiezingsdebat dat het weekblad waarvoor ik werkte in ’86 organiseerde. Den Uyl met letterlijk de rafels aan z’n overhemd, sigarenas overal, en een ontbrekende knoop aan z’n pak. Overduidelijk alweer bekaf. Toch nog een zaal met uitsluitend politieke tegenstanders imponerend en zowaar enige sympathie verwervend.

Naar mijn overtuiging wordt de geest van Den Uyl – en dit type politicus – schrijnend gemist. De rechtvaardiger verdeling van kennis, macht en inkomen…de samenleving snakt er naar.

Vandaag publiceerde Annet Bleich een biografie van Den Uyl. We verwachten het boek morgen hier in Antwerpen. Opdat u weet waar het aan ligt als de volgende stukjes wat korter mochten zijn.

Da’s Logisch hè

februari 21, 2008

080221.jpg

Als je iets niet probeert ken je ook niet slagen…